door de grond zakken


Iedereen kent het wel. De momenten waarop je iets ongelukkigs doet of zegt en je wel door de grond kan zakken. Dat je het liefst wilt verdwijnen. Maar dat kan natuurlijk met geen mogelijkheid op zo’n moment. Het overkomt de een wat vaker dan de ander. Bijvoorbeeld omdat ie een flapuit is, of gewoon niet zo oplettend. Helaas ken ik die momenten ook…

Ik herinner me dat ik in het eerste van het HBO zat. Ik moest een toets herkansen om mijn propedeuse te halen. Veel te vroeg zat ik op de fiets, want zo ben ik. Ik besloot om eerst nog even langs te gaan bij m’n opa en oma. Het regende pijpenstelen dus ik zat met uitgeklapte paraplu op mijn oma-fiets. En dat is gevaarlijk, weet ik inmiddels uit ervaring. Mijn snelle fietsen werd abrupt onderbroken, omdat ik bovenop de motorkap van een geparkeerde auto knalde. Ik schrok ontzettend. Maar hoe hard ik ook schrok, ik deed wat iedereen zou doen in mijn situatie. Ik keek om me heen of iemand het had gezien. Helaas. Op het moment dat ik verwilderd om me heen keek, stapte de bestuurder uit zijn getroffen auto. Hij zei: “En ik schreeuwde nog: kijk uit.” Ja, dat hoorde ik natuurlijk niet, omdat meneer in zijn auto zat. Ik kon wel door de grond zakken. Na de auto te hebben gecontroleerd – gelukkig geen schade – en ik over de schrik heen was, fietste ik snel naar opa en oma.

Ook weet ik nog dat ik als klein meisje naar de bloemist werd gestuurd door mijn moeder. De opdracht die ik mee kreeg: haal twee hedera’s. Als klein onzeker meisje stond ik in de bloemenwinkel. Ik had al verschillende rondjes gelopen toen de verkoopster vroeg: “Kan ik je misschien helpen?” Ik zei dat ik op zoek was naar hernia’s. “Hernia’s die verkopen wij niet. Weet je echt zeker dat het hernia’s zijn?” Ja, knikte ik voorzichtig. “Mijn moeder zei echt hernia’s.” Met lege handen kwam ik thuis. Ik vertelde mijn moeder dat ze geen hernia’s verkochten in de winkel. Toen mijn moeder lachend vertelde dat ik hedera’s moest kopen, kon ik wel door de grond zakken. Ik zei dat ze voortaan zelf maar moest gaan en dat ik nóóóóóit meer naar die stomme bloemist ging.

Laatst verstuurde ik op mijn werk een interne nieuwsbrief. Toen ik in mijn vollopende mailbox aan keek, zag ik een reply op de nieuwsbrief binnenkomen van een collega. Ik zal haar naam niet noemen. In de mail stond het volgende: was echt supersonisch lekker…hihihi. Ja, supersonisch lekker stond met koeienletters in beeld. Huh, dacht ik nog. Dat is een vreemde mail. Ik had een binnenpretje, want ik had natuurlijk wel een flauw vermoeden waar dit op sloeg. Dus ik dacht. Ik bel haar eens op: “Hoi, ja ik zag je mailtje binnenkomen, ja supersonisch lekker… (Supersonisch lekker zei ik expres wat harder). Dus ik vroeg me af wat ik met deze mail moest?” Aan de andere kant stamelde mijn collega: “Ooohh… Eeeehhh, die mag je wel verwijderen.” Ik wist genoeg. En ik weet zeker dat mijn collega wel door de grond kon zakken. Ben ik mooi niet de enige die er wel eens last van heeft.

Tweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Facebook

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *