column: later ben je er blij mee


“Later ben je er blij mee” of “Zie het als compliment.” Ik kan het niet uitstaan als verkopers dat tegen me zeggen. Een keer in de zoveel tijd overkomt het me. Een verkoopster denkt dat ik 15 of 16 ben (of nog jonger). Ja, ik ben nou eenmaal een klein van stuk. Maar zie ik er écht zo jong uit?

Toen ik achttien was, vond ik mezelf zo stoer. Ik had mijn rijbewijs op zak en ging samen met mijn moeder nog even boodschappen doen. Haren los, zonnebril op. Gaan met die banaan. Ik voelde me helemaal het vrouwtje. Totdat we bij de bakker kwamen. De verkoopster vroeg aan mij of ik een snoepje wilde? Een snoepje?? Pardon? Dat vraag je toch niet eens meer aan een kind van 10? En trouwens… Bij de bakker verwacht ik een koekje, géén snoepje. Hoe oud schatte die mevrouw mij dan? Ik pieste bijna in mijn broek van het lachen. Proestend liep ik naar buiten. En mijn moeder kwam proestend achter mij aan met een paar broden in haar hand.

Nu ik een paar jaar ouder ben, heb ik nog steeds hetzelfde probleem. Haal ik een paar kratten bier of een lekker wijntje bij de supermarkt, dan weet ik welke vraag ik kan verwachten. “Mag ik je ID even zien?”, vraagt de piepjonge caissière. “Snotneus”, denk ik. “Ja, natuurlijk”. Met een vluchtige blik over mijn ID zegt ze dat het prima is (ik vraag me altijd af hoe ze zo snel kunnen zien wat mijn leeftijd is. Terugrekenen vanaf een geboortejaar vind ik een van de moeilijkste dingen die er is). Of ze vragen hoe oud ik ben. “Eh. 26”. “O, nou later ben je er blij mee als ze het zeggen dat je er nog jong uit ziet” is het standaard antwoord dat ik krijg. Laten we hopen dat al die snotneuzen gelijk hebben.

Tweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Facebook

2 reacties op “Column: “Later ben je er blij mee”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *